Posts tonen met het label Boulderen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Boulderen. Alle posts tonen

zondag 12 januari 2014

Honderd boulders beklommen

Het laatste weekend boulderen in Fontainebleau mocht dan verregend zijn, de teller van het aantal beklimmingen bleef steken op precies 100. Het magische getal nodigt uit tot een kleine terugblik...

100x bovenop een boulder staan staat gelijk aan 100x zuchten, schelden, sleuren en onelegant mantelen. Daar staat wel tegenover: 100x met gebalde vuisten in de lucht door adrenaline en bevrediging. Maar liefst 97% van alle boulders lagen in het bouldermekka Fontainebleau. Stiekem is het dus een kleine terugblik op het boulderen in dat mooie bos.

100 boulders verdeeld over de gradaties; uitleg over onsight, flash en redpoint staat hier. Sinds twee jaar wordt er fanatiek geklommen en daarom is 97% van alle boulders geklommen vanaf 2011.

Totaal aantal boulders: 100
Gemiddeld aantal boulders per jaar: 33
Aantal tripjes: 14
Meeste tripjes in een jaar: 2013 met 6x, en een stijgende lijn is ingezet
Gemiddeld aantal boulders per trip: 7 (toch maar langer blijven of met beter weer, of niet geblesseerd raken)
Afgelegde afstand naar Fontainebleau (aller - retour): 11.660 kilometer

Route naar Fontainebleau

Eerste boulder ervaring: Col des Montets, een klein gebied tussen Chamonix en de grens met Zwitserland. Een klein gebied met een weergaloos uizicht op de scherpe pieken van het Mont Blanc massief.

Meest exotische boulder ervaring: Red Rock nabij Las Vegas in de Verenigde Staten. Slecht op 1 uur van de hectische Strip en weg van de lawaaige fruitautomaten, liggen de Red Rocks. Met een gehuurde crashpad dook ik moederziel alleen de woestijn in, zonder enig bereik op mijn mobiel.

Het mooiste gebied: Zonder enige twijfel: Fontainebleau in Frankrijk. De dichtheid van problemen is ontzettend hoog en ongekend in Europa. Daarnaast liggen deze boulders in een sprookjesachtig decor dat het niveau Efteling overstijgt. Op ruim 5 uur rijden ligt dit gebied in handbereik van boulderminnend Nederland. De eerste ontmoeting met 'Bleau', zoals het gebied ook wel liefkozend genoemd wordt door intimi, is vaak geen liefde op het eerste gezicht. Je moet opnieuw leren klimmen en boulders zijn zo hard gewaardeerd dat menig ego een diepe deuk oploopt. Naarmate je er vaker komt ga je vanzelf de miniscule treetjes en slopers van zacht zandsteen waarderen. Helaas hebben heel veel mensen deze droomplek ontdekt, maar behandelen het niet als zodanig. Durf anders te kiezen en zoek de kleine gebiedjes uit, of kies ervoor om ook buiten de feestdagen om te boulderen. Geloof me, wanneer je de volle parkeerplaatsen van Isatis of Cuvier ziet, dan wil niets liever dan juist de andere kant uit. Fontainebleau is een gebied waar je de rest van je leven naar terug kan keren en elke keer iets nieuws, iets prachtigs kan ontdekken.

Meest bijzonder ervaring: Gebeurde in het laatste weekend Fontainebleau, december 2013. Veel regen zorgde voor een nagenoeg leeg bos. Na lang wachten konden we pas bij het invallen van de schemering een droge boulder proberen. Op slechts een paar bivakerende boulderaards na waren we alleen op de anders zo overvolle parkeerplaats van Franchard Isatis. In het donkere bos, met de bouwlamp aan, hoofdlampjes aan, worstelen we in Le Surplomb Statique, 6a+. We waren alleen in het bos, althans dat dachten we. Als we op de parkeerplaats aankomen vlucht een troep everzwijnen voor ons weg, de veilige duister in van het magische bos.

Meest geklommen gradatie: 4A, een derde van alle geklommen boulders maar liefst. Niet heel verwonderlijk als je bedenkt dat ook buiten opgewarmd moet worden.

Hoogst gegradeerde boulder: Dallain 6C, een dyno in Gorge aux Chats. Het duurde even voordat ik volledig durfde te vliegen naar de hoge rand. Maar na veel sprongen bleef uiteindelijk mijn hand plakken aan de rand. Wat een gevoel; gedemonstreerd door dit mooi stukje videomateriaal. Al lijkt het zo wel heel eenvoudig...



Hoogst gegradeerde onsight (in 1x, zonder enige voorkennis uitgeklommen): Mini Dei in Rocher Canon, 6a. Althans, volgens de topo toentertijd. Inmiddels is de boulder op Bleau.info afgewaardeerd naar 5b/5c.

Mooiste boulder (en met meeste voldoening): La Théorie des Nuages 6b, in Bois Rond. Zondermeer kreeg ik bovenop deze boulder veruit het meest voldane gevoel. Hard werken en fraaie passen maakte deze beklimming tot een pareltje. In het Pinksterweekend van 2011 heb ik in drie dagen op rij alle passen kunnen uitwerken en linken. Dat weekend was ik net alleen op pad. Eenmaal bovenop kon ik het gevoel met niemand delen en alleen maar luidkeels uitschreeuwen door het bos.

La Théorie des Nuages 6b

Zelf geopende boulder: Le Petit Pare Dessus 5c, in Gorge aux Châts. In het paasweekend van 2012 liepen we langs dit blok met een indrukwekkende diepe zitstart. Het dak vormt het eerste gedeelte van de 7a+ Le Pare Dessus, maar wordt vervolgd door een directe finish op slopers. Een mooi boulder met krachtige passen door het dak, een atletische mantel om uit het dak te geraken, en dan technisch eindigen. Thuis werden de topo's en databases gecontroleerd, maar nergens kon ik deze logische variant terug vinden. Snel een mailtje gestuurd naar de beheerder van bleau.info en de bevestiging van een eerste beklimming was binnen. Het voelde als een 6a, maar heb toch veilig gekozen met een 5c waardering. Ik kan alleen maar iedereen aanraden om er eens in te stappen. Je zal zeker niet worden teleurgesteld.

Een bleausard mantelt hier uit het dak van le Petit Pare Dessus, 5c

Mijn droomboulder: Karma 8a (8a+) in Franchard Cuisinière. Eerste beklimming was al in 1995 door boulderlegende Fred Nicole. Daarna is het een klassieker geworden en geklommen door vele boulderhelden als Paul Robinson en Nalle Hukkataival. Als het mij ooit gegeven is om een 8a te klimmen, dan graag deze. Een prachtig boulder waarin een paar typische Bleau-stijl passen noodzakelijk zijn om bovenop te komen.


Karma

donderdag 26 december 2013

Plus de pluie

... meer regen...

Al waren de voorspellingen in het weekend voor Kerst redelijk, de uitkomst was het niet. Zondag zou er nog geen millimeter vallen en maandag zou droog moeten worden. Op de heenrit kwamen de buien continue af en aan. Optimisch als we zijn zou boven Fontainebleau een opklaring aanwezig zijn. Wel dapper van Eva om juist in december voor het eerst met Martin mee te gaan Fontainebleau,

Niet dus! Even kijken in Gorge aux Chats, nat, kletsnat. Dat werd een middagje in de shopping mall en hotel hangen. Dit leverde wel een gloednieuwe crashpad op van Black Diamond, gekocht bij de Decathlon. De Impact is een kleinere en lichtere crashpad dan die we al hebben van Chillaz. Altijd handig als je met meer boulderaars op pad bent en in verschillende projecten werkt. Of noem het een emo-aankoop...

Crashpad model Impact van Black Diamond

 Maandag zou de bouldercrush plaats vinden. Maar als we na het ontbijt een voet buiten het hotel zetten begint het spontaan te regenen. 's Ochtends slenteren we in de lichte regen langs Rocher aux Sabots, 91.1, Cul de Chien en Mont Pivot op zoek naar droge rotsen. Helaas kan ik mijn gloednieuwe GoPro alleen maar inzetten voor wandelingen door het bos. Op een groepje maffe Britten na lijken we de enige boulderaars in het bos.

Aan het begin van de middag was het droog en ontspon de onvermijdelijke discussie. Wat gaan we doen? Wachten tot de rotsen droog worden of nu al naar huis? Genadeloos legde het videoverslag alles vast... We besluiten een poging te wagen in het sneldrogende gebied Canche aux Merciers. Daar waar we afgelopen november ook vlot na een regenbui konden klimmen. De rotsen van Fontainebleau zijn van zacht zandsteen en extra kwetsbaar na een regenbui. Van alle problemen in het gebied waren slechts een paar droog genoeg om verantwoord te kunnen klimmen. Veel meer dan een paar eenvoudige boulders was niet beschikbaar. Desondanks, Eva topt haar eerste boulder in Fontainebleau!

's Middags blijf het droog en vlak voor de schemering besluiten Martin en ik nog een blik te wagen bij Franchard Isatis. Op de meestal overvolle parkeerplaats bivakkeren slechts twee auto's. Gewapend met een bouwlamp lopen we naar Le Surplomb Statique, 6a+; droog! Ondertussen was het pikkedonker en waren we alleen in het bos. Na wat campussen en het beter gooi- en smijtwerk staat Martin uiteindelijk bovenop. Als we weer op de parkeerplaats staan vlucht een troep wilde zwijnen de veilige duister in van het bos.

Op de dag voor Kerst plensde het ongenadig hard, zoals al de hele nacht voorafgaand. We springen in de bolide en vier uur later hangen we in de heerlijk droge boulders van Monk Eindhoven. Op plastic weliswaar.

Videoverslag van de GoPro volgt later
 

woensdag 27 november 2013

Herfstweekendje Fontainebleau

Vooruitzichten in Nederland en omringende landen waren stormachtig. Het kloppend hart van Frankrijk leek hieraan te ontsnappen en zich uitstekend te lenen voor een lekker boulderweekend. Met de nieuwe grommende bolide, beladen met crashpad, reisden we comfortabel in recordtempo naar het betoverende bos van Fontainebleau. Iets te voorspoedig bleek, want de rotsen van Franchard Isatis moesten nog opdrogen. Het vluchtend regenfront had net haar natte bombardement laten vallen.


 Miniscule randjes zijn in Fontainbleau eerder regel dan uitzondering



Nog even geduld bewaren dus, inchecken, en een gebiedje uitzoeken met veel wind en het liefst blootgesteld aan wat schaarse zon. Na wat bladeren in de topo viel de keuze op Canche aux Merciers, een gebiedje waar we nog niet eerder zijn geweest. Op de parkeerplaats worstelden wij ons een weg tussen de paddestoelenzoekers die gewapend waren met fleurige laarzen en riete mandjes. De meeste boulders waren hier al droog gewaaid en de crashpad kon ontvouwen worden.



Opwarmen en wennen aan "Bleau"

Al tijdens de warming-up worden we geconfronteerd met de 'Bleau'-stijl. Het is zoeken naar treetjes, vasthouden aan ribbelige slopers. Daarna bovenop de boulder proberen te mantelen, zonder dat je nog je voeten ziet. Met je vingers houd je een randje vast wat je nauwelijks nog kan zien met het blote oog. Trots en voldaan sta je dan bovenop met je handen in de lucht; een... 4c! In Canche aux Merciers klimmen we met een pracht enige verre kruispassen Le Croisé Magique, 5b en Par Toutatis, 6a. 's Avonds werd noeste arbeid beloond met menig La Chouffe.

Le Beau Final, 6a

De tweede en tevens laatste klimdag werd ingezet op Franchard Isatis. Al waren we redelijk vroeg ter plekke, op zondag is het voorste gedeelte (dichtbij de parkeerplaats!) erg populair. De boulders die we op het oog hadden waren bezet. We lopen verder richting mijn project Code Secret, 6b. Het is fris en de opwarming bestaat uit heen en weer huppelen, armen zwaaien en touwtje springen, gevolgd door paar drietjes met de donsjack nog aan. Code Secret is een subtiele boulder met een sloperige rand. Op die rand voel ik mijn spieren in de onderarm bij elke poging steeds pijnlijker tegen het spiervlies duwen. Toch niet warm genoeg? Teveel krachttraining gedaan? Ik kom niet zo ver als vorig jaar. Ook Martin, die Code Secret als eens geklommen heeft, komt er niet meer door heen. De directe 6c variant was al helemaal te ver.

Code Secret

Dieper het bos in stuitten we op l'Entre-Toit, een fraaie 6c die door een dak heen traverseert, waar men uit moet mantelen, terug traverseert en via een kant naar boven leidt. We komen heel ver, maar net niet ver genoeg. Het is wel een mooie, krachtige boulder die ergens boven in de projectenlijst is geraakt. Nog dieper in het bos ligt Luna, een 6a buiten het circuit om. Het dak is zo steil dat de crashpad pas halverwege de boulder ondergeschoven kan worden. Een krachtige heelhook is noodzakelijk om bovenop de rand te kunnen vatten. Gedwongen door tijdsnood kunnen we niet verder het sprookjesbos in en lopen terug naar het gebied dichtbij de parkeerplaats. Daar loopt ook de bekende Britse bleausard Neil Hart. Hij praat een landgenoot door een spectaculaire dyno heen. Zondag blijkt populair bij de gezinnen en onder het lawaai van het kindergeschreeuw proberen we nog een paar problemen... tevergeefs.

Snel weer naar huis, filmpjes kijken, inspiratie op doen, hard trainen en vlug weer terug...


Beiden in zelfde pas van l'Entre-Toit




vrijdag 1 november 2013

Plan Bleau

En dat is het plan voor het komende weekend: boulderen in Fontainebleau. Zouden de laatste maanden in boulderhal Sterk vruchten afwerpen? Zouden de lagere temperaturen zorgen voor meer frictie? Nog nooit waren we zo laat in het seizoen in het bos van Fontainebleau. Tussen de vallende blaadjes wordt het zoeken naar miniscule treetjes en geribbelde slopers.

Ondergetekende in Code Secret, 6b in Franchard Isatis

1, 2, 3... het is al weer de vierde keer dit jaar dat ik afreis om de vingers te beproeven, net even ten zuiden van Parijs. Gewapend met een nieuwe topo is het eerste gebiedje Franchard Isatis. Na de laatste keer in dat gebied hebben we nog 'unfinished business' (zie blog). Verder staan er een paar stevige doelen: El Poussah en Abdolobotomy (beiden 7a). Ambitieus? Na het weekend zullen we het weten...

 Martin in Faux Baquet,7a in Franchard Isatis

zondag 29 september 2013

Steeds meer boulderen

Bij terugkomst van vakantie lag er een aangename verrassing op de mat: "7 + 8 straight ups in Fontainebleau". Het bleek een mooie attentie van een oude skimaat die ik had geholpen bij een sollicitatie. Inmiddels kent deze populaire topo van het bouldermekka Fontainebleau sinds dit jaar al een derde editie met 2669 straight ups. Zoals auteur Bart van Raaij zelf beschrijft, dat zijn routes die meer omhoog gaan dan opzij. Ten opzichte van de vorige editie in 2007 zijn er bijna 600 boulders bijgekomen! Fontainebleau blijft dus nog volop in ontwikkeling. Kortom, voor deze bescheiden boulderaar is er nog voldoende uitdagends te klimmen.


Voor al die uitdaging moet heel veel getraind worden. Het toeval wil dat sinds begin september een fantastische boulderhal is geopend in Utrecht: Sterk. De hal is ruim opgezet met 180 boulders verdeeld over allerlei circuits op elk niveau, trainingsfaciliteiten, en niet geheel onbelangrijk met een gezellige bar. Sterk ligt op acht minuten fietsen en lonkt. Mijn abonnement bij Rock Steady is afgelopen en er bestaat grote kans dat ik deze niet verleng en bij Sterk een abonnement zal nemen, zolang de vingers dat houden.


zaterdag 27 juli 2013

Huttentrektocht en boulders?

Volgende week mogen de alpiene schoenen weer uit het vet. Ik heb afgesproken in Sud-Tirol (noord-Italië) met mijn broertje en schoonzus voor een vierdaagse huttentrektocht in de Texel-Gruppe. In dit beschermde natuurpark net over de grens met Oostenrijk hebben we onder andere de mogelijkheden om de Hintere Seelenkogel (3472 m.) en de Hochwilde (italiaans Cima Altissima, 3480 m.) te beklimmen. Condities zouden nog wel eens zwaar kunnen zijn, want het heeft erg veel gesneeuwd afgelopen winter én voorjaar.

 De Hochwilde torent 500 meter boven de Stettiner Hütte uit, daar zullen we ondermeer overnachten.

Voordat we de bergen ingaan slapen we eerst in het Pfelderer-dal. Die reisdag kan mooi benut worden voor een klein boulderuitstapje in de buurt: Algund. Dit is een zeer interessant bouldergebied met veel variatie volgens de topo. Bekende 8a's zijn ondermeer de traverse Tragic Waste of Power en The Egyptian Arete.

De collectie topo's is weer uitgebreid met deze over boulderen in Noord-Italië.

Deze topo is niet slechts een koop voor eendaags gebruik. Andere populaire gebieden die beschreven worden zijn onder andere Val di Mello, Valle d'Aosta, Valle Daone en Varazze. Die laatste twee liggen respectievelijk dichtbij  klimgebieden Arco en Finale Ligure. Dat zijn gebieden die regelmatig een bezoek van mij hebben gehad, dus kan boulderen daar een leuke afwisseling zijn. De prachtige valleien van Val di Mello en Valle d'Aosta staan zeker nog ergens bovenaan de wensenlijst.

Ook dit jaar verstop ik mijn La Sportiva Cobra klimslofjes onder in de tas. Mochten er nog mooie blokken naast de hutten liggen dan moet er op geklommen worden natuurlijk.


zaterdag 25 mei 2013

Encore un fois... Bleau!

De voorspellingen waren met Hemelvaart, net als de rest van deze lente, erg wisselvallig. In de aanloop veranderde elke dag de bestemming. Beez, Bleau, Berdorf... En uiteindelijk zou het toch het langste droog blijven in Fontainebleau; de meest zuidelijke optie voor 4 dagen klimmen.

Bestemming: Fontainebleau. Uitgestrekte velden met koolzaad stonden felgeel in bloei.

Met wat meer klimdagen in het vooruitzicht dan een paar weken geleden hadden we minder haast. Aan het einde van de Franse siësta arriveerden wij in een lange rij bij camping La Musardière. "Complet" stond op het bordje dat aan de deur hing. Ook bij camping Les Pres was hetzelfde bericht te lezen. We waren genoodzaakt om ons heil te zoeken in een shabby motel. Het beloofde dus een druk weekend te worden...

Het koste even wat tijd, maar daar stonden we dan aan het begin van het circuit in Rocher Canon. De eerste mensen dropen al af. Na een warming-up van 4'tjes en 5'jes springen we in de zesdegraads boulders. Martin klimt Dure Limite en La Fosse Septique; beiden staan respectievelijk als 6a en 6a+ genoteerd in de topo. Zelf hang ik in l'Ancien, 6a. Ingedraaid op een bak moest ik met links naar een slecht kuiltje waar net drie vingertopjes in passen. Ternauwernood kreeg ik slechts twee vingertopjes op de juiste plek. Op het moment dat ik die belastte met mijn lichaamsgewicht, voelde ik een pijnscheut van onder mijn pols tot diep in mijn vingertoppen doordringen. Na wat bijgekomen te zijn van de schrik stapte ik weer geconcentreerd de boulder in. Niet aan de pijn denkend stond ik nu zowaar bovenop! Na een lange tijd van blessureleed klom ik eindelijk weer een 6a in Fontainebleau. Het gevoel bovenop de boulder blijft onbeschrijvelijk als je dat weet te bereiken na hard werken. Martin probeert nog zijn project, de hoge en 'sketchy' Styrax, 6b; hij boekt progressie.
 
Ondergetekende in La Fosse Septique, 6a+

l'Ancien 6a

Martin in Styrax 6b

Blijkbaar is Hemelvaart één van de drukste weekenden in Bleau samen met Pasen, het traditionele openingsweekend. Onze aanpak was als volgt: 's ochtends en aan het begin van de middag boulderen in een relatief rustig gebied, 's middags een lange pauze van een paar uur en dan aan het begin van de avond weer een bouldersessie in een groter en drukker gebied. Het is verbazingwekkend hoe rustig en moederziel alleen je kan zijn in een groot bos in een dergelijk druk weekend.

Onze keuze voor de ochtendsessie van de tweede dag valt op Mont Ussy; een rustig gebied grenzend aan de noordelijke buitenwijken van Fontainebleau. De enige anderen met dit idee waren een Duits gezinnetje, een eenzame Fransoos en... een jong katje. Het gebied was rustig, maar het rode circuit was niet heel mooi met veel traverses en slechte landingen. Veel verder dan een 5c komen we niet, Dose de Sables. Off circuit konden we (gelukkig) de highball La Pandora 7a+, niet vinden.

Zo te zien een lastige boulder, Dose de Sables, 5c.

In de omgeving van Fontainebleau bestaan talloze mogelijkheden om te overnachten. Slechts op een paar aangewezen plekken kan legaal gebivakkeerd worden. Gisteren bij Rocher Canon lazen we een lijst met campings op een bord. Met die opgeslagen info belden we vandaag een rondje om ons motel te wisselen voor de eenvoud van een camping. De derde camping was al raak: La Belle Etoile in Melun. En wat blijkt, de eigenaresse is Nederlands. We zetten ons tentje op met uitzicht op de Seine; de beroemde rivier die zich 50 kilometer verder door de Franse hoofdstad Parijs slingert. De rustige camping blijkt werkelijk een verademing te zijn in vergelijking met de klimmersgekte op de andere campings. Weliswaar is de ligging iets meer uit de richting van de klimgebieden, maar de rust en het schone sanitair maken dat meer dan goed.

Uitzicht vanaf de camping op de Seine

Na een stevig bord vol Jambalaya gingen we 's avonds naar Bas Cuvier. In dat gebied is het boulderen ontstaan en ontwikkeld vanaf de jaren '30 en '40 in de vorige eeuw. Helaas heeft de tand des tijds hier haar sporen achter gelaten. Treetjes zijn zwart, afgespekt en glad. Overal is de bosgrond bezaaid met WC-papier, condooms en allerlei restjes van klimgerei.Toch blijken de klassieke boulders een magische aantrekkingskracht te bezitten en is Bas Cuvier onmetelijk populair. Helaas blijkt mijn handblessure parten te spelen en ik besluit te stoppen voor vanavond. Martin klimt de klassieker La Marie-Rose; de eerste 6a ooit geopend in Fontainebleau! Hij had er 3-4 sessies voor nodig verspreid over verschillende klimtrips.

Martin in de eerste 6a ooit geopend in Fontainebleau, La Marie-Rose, 6a

Zaterdag viel de keuze op Gorge d'Apremont. Vanwege mijn handblessure hadden we een 6a plaat uitgezocht met de alleszeggende naam Science Friction. In mijn tweede poging zipte mijn schoen van een miniscuul treetje en blijft mijn nagel hangen achter een vlijmscherp randje. Resultaat is een gebroken en bloedende nagel; einde klimsessie. Anticiperend op weinig klimactiviteit had ik al mijn trailrunning outfit ingepakt voor een loopje door het bos. Na minder dan vijf minuten hardlopen barst een hevige regenbui los. Onder een grote rots begreep ik Jobs beproevingen.

De lunch werd genoten met een driedubbele uitsmijter. Onder een heerlijk brandend zonnetje werden de plannen besproken. Zondag zouden we niet meer klimmen, maar 's ochtend weer inpakken en naar huis. Niet alleen telde de som van mijn blessures, hand, blauwe teen en gebroken nagel, maar ook Martin had overal spierpijn na een paar sessies boulderen. 's Avonds support ik Martin in zijn projecten en maak vooral foto's. Al was de drukte afgenomen in het bos van Trois Pignons, onder al zijn projecten lagen vreemde crashpads. Op de terugweg naar de parkeerplaats bleek gelukkig Yoga vrij, een 7a op een prominent blok in Rocher des Souris. Voor deze laatste keer was het een blok teveel. Barbecuen, snel herstellen en weer terug.

Martin in La Fissure, 6a+, in het gebied 95.2

donderdag 18 april 2013

Et enfin... Bleau!

Het gure weer in het begin van dit jaar zorgde ervoor dat we nog niet eerder buiten konden spelen. De weersvoorspellingen waren afgelopen weekend het meest gunstig voor Fontainebleau (FR) in verhouding tot de alternatieven Berdorf (LU) of Beez (BE).

Zaterdagochtend ging de wekker bij het krieken van de dag. En nog gapende bij het ochtendgloren waren we snel en route... Even over twaalven kon de crashpad op de rug en liepen we naar het gebied Cul de Chien in het magische Fôret des Trois Pignons. Gewapend met de nieuwste en klassieke topo van Jack Godoffe sprongen we het eerste circuit in. Na een paar succesjes hingen we dan in de parel Le Toit du Cul de Chien, 7a. Veel verder dan de beruchte mono in het dak kwamen we helaas niet.


Ondergetekende in Trompe l'Oeil, 5c

Cul de Chien is herkenbaar aan het markante blok Le Bilboquet dat eenzaam op de zandvlakte ligt. Sinds enige tijd is het verboden om op dit blok te klimmen vanwege instortingsgevaar. En instorten had het helaas gedaan.

Hier, Martin in 2011 in al onze naïviteit. Anno 2013 is een groot brok zandsteen afgebroken precies op de plek waar Martin nu hangt.

Inmiddels was het heel licht gaan miezeren. Martin wilde graag nog een projectje van vorig jaar klimmen in Rocher aux Sabots. Daar hebben we onze tijd uitgezeten onder een dak, hopende dat het droog zou worden. Het omgekeerde gebeurde en we dropen af richting hotel, richting een paar welverdiende glazen karmelietenbier.

De tweede dag, en de laatste dag al weer, hingen we al om 9 uur 's ochtends in een 7a, Graviton. Dat was het project dat gisteren verregend was. Gelukkig was hij nu net droog genoeg om een kans te maken. Na heel lang werken en vele pogingen tot mantelen moesten we onze meerdere erkennen. Maar dit project is zeker haalbaar dit jaar. Tegenover Graviton ligt de 7b dyno Smash. Als tussendoortje leuk, maar nog heel ver weg...


Martin in Graviton, 7a.

Helaas konden we Graviton niet aftikken, maar misschien wel een ander project dat van vorig jaar nog op de plank lag, le P'tit Toit, 6c. Terug naar de parkeerplaats waar het inmiddels erg druk was geworden met wandelaars, dagjesmensen en trailrunners. Verhoudingsgewijs meer dan buitenlandse klimmers zoals je veelal ziet tijdens de traditionele feestdagen. Enfin, we parkeren de auto aan de andere kant van het bos. Richting het gebied 95.2 waar P'tit Toit ligt. Onderweg daarheen hadden we nog een mooie 7a gespot in de database bleau.info, waar we de crashpad nog graag onder wilden liggen: Rude Boy. Conclusie, voor een knee-bar moet je een lange broek aan en we zijn niet sterk genoeg...

Rude Boy, 7a

Strompelend komt een klimmer de heuvel opgelopen, steunend op een stok in zijn ene hand, een fles melk in de andere hand. "Ca va?" vraagt Martin. "Euh... Mal chute d'Apremont." Oke, als wij niet Frans zijn, en hij ook niet, zullen we daarom een andere taal proberen?! "I'm from Scotland!". Een geanimeerd gesprek over mooie 7a's volgde in het Engels.

Het pad kronkelt dieper het gebied in van 95.2 en leidt naar het hoofdpijndossier P'tit Toit. Vorig jaar bleven we steken bij de crux van de route, ook dit jaar lukte die pas niet. Poging na poging, en het lichaam begon te protesteren. Schaafwonden op de kuiten, onderarmen, en kuiten noopten ons om op tijd te stoppen. We blijven het verder dit jaar weer proberen. De energie was op; tijd om naar huis te gaan,,,

Le P'tit Toit, 6c

Martin in P'tit Toit

dinsdag 1 januari 2013

2013 Keep climbing...

Clichématig verschijnen rond deze tijd altijd de haast plichtmatige terugblikken op het oude jaar en verschijnen de nieuwe dromen voor het komende jaar. Welke blogger komt hier dan onderuit?


Het vorige jaar was vooral in het voorjaar veel boulderen en buiten spelen. Helaas moest dat worden bekocht met overbelaste ringbandjes waardoor de rest van het jaar een veel te lage intensiteit van klimmen kende. Dit wordt het beste in beeld gebracht door het vergelijken van de 8a scorecards hier beneden.

Qua boulderen was 2012 een beter jaar dan daarvoor, maar het routeklimmen beleefde dus een terugval door een maandenlang slepende blessure.

Wat brengt 2013? De komende maanden zal in ieder geval bestaan uit het langzaam opbouwen van intensiteit en twee mooie skitripjes. Daarna hopelijk veel, en veel buiten klimmen.

Misschien wordt klimmen wel olympisch...


Keep climbing! 

zondag 30 september 2012

Bleau (deel 4 alweer dit jaar...)

Wat is leuker dan in een vrij weekend op en neer te rijden naar Fontainebleau, lekker weer, mooie rotsen en genieten van het klimmen...

Zaterdagvroeg sprongen we in de auto om 's middags naar Bas Cuvier te gaan. Met 6 dik ingeplakte vingers was het doel vooral om plezier te hebben en de vingers heel te houden. Ik zit immers nog in een 'rust'-periode van 2 maanden om te herstellen van meerdere ligamentblessures in de vingers.

Gradaties blijven een lastige discussie in Fontainebleau. De traditionele gradaties zijn relatief heel hard, nieuwe boulders eenvoudiger. Zodoende stond ik in 2 pogingen bovenop een 6b, l'Esquisse. Binnenkort een topo kopen met plaatjes? En je bent niet in Bas Cuvier geweest als je niet la Marie-Rose hebt geprobeerd. Inmiddels is deze boulder eigenlijk een 6b geworden, maar dit blijft toch de allereerste 6a in Fontainebleau. Die graad blijft dus heilig in dit sprookjesbos.

Na een nachtje rust in een goedkoop hotel werd de tweede en laatste dag besteed in Rocher Canon. Nog half slaperig gooiden we de crashpad onder de eerste boulders voor het opwarmen, hoorden we luid: "hee jongens!" Tussen alle Fransen, Duitsers en Belgen liep Robbert (Smits) naar ons toe; een bekende vanuit de klimhal in Bussum. Hoe groot zijn die kansen tussen die talloze boulders in dat immense bos?

De ochtendkou verruilde zich voor een heerlijk zonnetje. We proberen nog de mooie Styrax 6b en Chausseur de Prises 7a, maar helaas lukken die niet ondanks de gemaakte vorderingen. Nog even in de zon luieren, en hup de auto in terug naar huis... 

Martin doet een verwoede poging in Styrax, 6b.

zondag 8 juli 2012

Bleau 2012 (deel 3 alweer)

Na Pinksteren koesterden wij de wens om snel terug te gaan naar P'tit Toit... Eind juni hadden we een vrij weekend. 's Ochtends vroeg weg, crashpad achterin, vriendin kus en achter dat ultieme vrij gevoel aan. Een nacht in Frankrijk, twee dagen klimmen tot je pezen het begeven. De meeste mensen verklaren je voor gek, maar ze kennen het niet... Fontainebleau, een magische plek...

De tent werd opgezet en de topo doorgebladerd. Het eerste gebiedje was Franchard Isatis. Een populair gebiedje waar we nog nooit waren geweest. Waarschijnlijk vanwege de populariteit. Het gebied kent een hele dichte concentratie van mooie problemen. Na een (te) korte warming-up en (te) hoge vijfjes, doken we in La Traversee de Faux Baquet, 7a+/7b. Een verzurende traverse gevolgd door een dak met uitklim.  Helaas konden we tijdens het uitwerken niet de crux-pas bedwingen. Met zoveel moois nog verder in het bos was het zonde om daar uren te spenderen. Martin klimt nog Code Secret, 6b. Een mooie technische boulder op typische Bleau-slopers. Als je geluk had, dan kon je nog net de geribbelde olifantenhuid fixeren van de zandstenen boulders. Helaas dwongen mijn vingerblessures me veel rust te nemen tussen de pogingen. Uiteindelijk was het verstandiger om weer naar de camping terug te keren.

Mijzelf aan het begin van de traverse van Faux Baquet

Martin klimt het dak uit van de Traversee de Faux Baquet

Voorzichtige voetplaatsing geboden voor mij in de technische Code Secret

Op de camping werden de spiervezels aangevuld met de broodnodige eiwitten uit een complete, gegrilde kip die we met z'n tweeën hebben verorberd. Het enige bestek waren onze vingers. Na het eten konden de schoentjes en pof weer in de auto. Op naar het project, le P'tit Toit 6c in het gebiedje 95.2. Tot grote frustratie van Martin kwamen we niet verder dan waar we vorige maand gebleven waren. Tegen elfen, bij het laatste daglicht, keerden we terug.

Eerst nog even 'opwarmen' op de mooie platen van 95.2

Martin plaatst zijn heelhook met precisie in P'tit Toit

Martin nadert de crux van P'tit Toit

Voor zondag waren de voorspellingen niet heel gunstig. 's Ochtends vroeg hebben we snel de tent opgeborgen en trokken we naar Apremont Bizons. Gorges d'Apremont is groot en populair, maar daar is de Bizons een uitzondering op. Rustiek gelegen tussen varens onthulde het bos haar geheimen. Mooie, technische boulders die nog vrij recent zijn geopend. Terwijl we de crashpad onder het eerste probleem legden vielen aarzelend de eerst druppels. Het aarzelende veranderde in gestaag en het klimmen was vrij snel afgelopen.

Terug naar de auto kwamen we onze collega klimmers uit Bussum tegen. Door de regen moesten ook zij ook rechtsomkeer maken en reisden we naar Nederland terug; met een kleine omweg via boulderhal Graviton in Sittard.

woensdag 27 juni 2012

Back to Bleau 2

17 juni was al weer de tweede editie van het boulder evenement Back to Bleau bij klimhal Rock Steady. Deze wedstrijd bestaat uit een eendaagse boulderwedstrijd en een doorlopende competitie. Met een tiende plaats weet ik mij nog net in het linkerrijtje te wurmen. Winnaar van deze dag werd Tim Halussy die ook de doorlopende competitie naar zich toe had getrokken.Ook in de doorlopende competitie wist ik mij te nestelen in de bovenste helft, 14e van de 28.

Tot 1 september kunnen er nog boulders geklommen worden voor de doorlopende competitie, om zodoende een plaats te bemachtigen voor de finalewedstrijd in september.

Nieuw zijn de houten grepen. Je haat ze of je bent er gek op... Hier in een 5+

woensdag 6 juni 2012

Boulderen met Pinksteren in Fontainebleau

Met Pinksteren was de weersvoorspelling goed; zeer goed. Met temperaturen tussen 25 en 30 graden bleek het zelfs te warm om heel goed te boulderen. Vier dagen de tijd hadden we om door het sprookjesbos van Fontainebleau te struinen.

Deze keer hadden we een mooi project vantevoren uitgezocht, Le p'tit toit (6b+/6c). Een 21 bewegingen lange boulder die met veel atletische en krachtige passen langs de rand van een blok traverseert, en eindigt met een technische uitklim. De eerste dag hebben we gewend aan de speciale Bleau-stijl in de sector 95.2, daar waar ook ons project in het zand ligt. Beiden kwamen we tot de 15e beweging.

le P'tit Toit (6b+/6c); pas 2
 
Martin in pas 3


pas 4

 
Martin in pas 4

pas 6

Spelen in pas 7

 
Martin in pas 9

Martin in pas 9

pas 10

 
Martin in pas 10

pas 12

pas 15, eindstation 1e sessie

Die dag erna hebben we in twee sessie opgedeeld. Het eerste gedeelte hebben we gespendeerd in sector Le Petit Bois. Daar probeerden we La Pendule (6a) en Big Jim (6c). Die laatste in highball van 6 meter die heel veel ontzag inboezemt, maar er geweldig uitziet.

la Pendule 6a

la Pendule 6a

Martin in Big Jim 6c


's Avonds na zevenen was de zon verdwenen van le P'tit toit en toefden we naar 95.2 om daar het weer verder te proberen. Na twee uur lang werken zijn wel beiden welgeteld 1 pas verder gekomen. Maar dit was wel de een-na-moeilijkste pas. De crux volgt meteen maar die konden we niet meer afmaken.

pas 16, een hele pas winst in 2 uren werken.

de moeilijkst pas voor de crux

Het resultaat na twee dagen boulderen was overbelast vingers, ellebogen, biceps, schouders en hamstring. De laatste dag in Fontainebleau hebben we niet al te veel inspannends meer kunnen doen om blessurevrij te blijven. Zonde dat we het project niet konden aftikken, maar wellicht volgt in juni al snel een herkansing.

onbekende dyno