maandag 12 september 2011

Laatste trail run van de zomer

Nog een laatste herinnering aan de Franse zomer resteerde mij hier te beschrijven. Ik had trailrunning ontdekt en zou nog een laatste loop doen. Mijn hardloopschoenen waren aan vervanging toe dus we doken de Decathlon in voor een nieuw paar trailrunning shoes, Salomon XT Trail.


Het debuutrondje trailrunning was vrij snel en goed gegaan. Dus de kaart werd er bij gepakt om een grotere uitdaging te vinden. Mijn oog viel op Le Tour de Magdeleine; een rondje dat ook weer langs ons vakantiehuis kwam. Deze route was 10 kilometer lang met een hoogteverschil van ruim 300 meter volgens de beschrijving. Het weer was nog steeds warm alleen was gelukkig de zon verscholen achter een lichte sluierdeken van wolken. Tien kilometer kan zonder water en zonder kaart vanwege de goede bewegwijzering.



Het pad slingerde zich al snel steil de heuvels in, uit het zicht van de bewoonde wereld. Op en neer liep het pad verder naar de Magdeleine (844 meter hoog). Een groot gedeelte van het pad liep over een karrepad door een verlaten bos. Er leek maar geen einde te komen aan het stijgen, bocht na bocht. Na 50 minuten voornamelijk omhoog rennen begaf ik me op het dak van de route. Hijgend nam ik 5 minuten rust om me voor te bereiden op de afdaling. Vliegend over de paden was de afdaling een stuk makkelijker dan omhoog. De knieën kregen flinke klappen te verduren. De afdaling besloeg nog ruim een half uur en na uiteindelijk 1 uur en 20 minuten kwam ik weer enigszins lachend aan bij het huisje. Een dergelijke duur had ik nog nooit eerder gelopen en het voelde als mijn langste 10 kilometer ooit. Vermoeid maar voldaan plofte ik in de dichtstbijzijnd stoel. 



Vele aspecten zijn zo aantrekkelijk in trailrunning. Het eenzame gevoel in een prachtige omgeving, de loodzware beproeving, het onoverwinnelijke gevoel als je vals plat naar beneden rent, de vingers van wandelaars die wijzen naar hun voorhoofd als je voorbij komt schieten. Alles moet kloppen bij trailrunning. Acute blessures, verdwalen en uitdroging zijn allerlei risico's die goed in het achterhoofd gehouden moeten worden. Kortom, de spanning werkt verslavend.

Een kleine teaser

woensdag 31 augustus 2011

Geen kapel bij... La Chapelle Saint-Joseph

In ons vakantiehuisje lag een oude versleten wandelkaart. En toevalligerwijs lag de langste en zwaarste wandelroute langs de hoofdweg richting ons huisje. Over lange heuvelruggen liep deze route naar een kapel; La Chapelle Saint-Joseph als eindpunt van de heenweg. Althans, dat was de verwachting...

Met de auto werd ik afgezet aan het einde van het asfalt in het Ravin de la Grave. Daar bij de kleine vesting les Trois Bastide begon ik de voettocht richting de kapel waarbij ik de eerste paar honderd meter werd vergezeld door een vriendelijke boerenerfhond. Met zijn blik leek hij te zeggen: "Succes vreemdeling, pas goed op jezelf."


Het was heet die dag en tussen de steile heuvels bleef de hitte gebundeld in het ravijn waar ik passeerde. Langgerekte groene hagedissen schoten voor mij weg de struiken in. Langzaam eindigde het ravijn en steeg de weg. Op de kaart had ik een alternatieve route gezien die interessanter leek, dan zou ik de normaalroute voor de terugweg tegoed houden. Tegen beter weten negeerde ik de bordjes die verwezen naar de kapel. De weg draaide verder omhoog, een hert werd wreed gestoord in zijn middagslaapje en springt van mij weg de helling op. Op een gegeven moment constateer ik dat de zon al een poosje fel in mijn gezicht schijnt. Ik loop naar het zuiden! En de route loopt volgens de kaart zeker naar het noorden. Omdraaien dus en gelukkig was het juiste pad snel gevonden.


Een smal kronkelpaadje leidde door de koelte van een bos tot bovenop de heuvelrug. Daar gaf de hoogtemeter aan dat ik me meer dan 1000 meter boven de zeespiegel begaf. Richting de kapel vervolgde het pad over de heuvelrug waarbij de wisselende begroeiing af en toe een prachtig panorama prijs gaf. Boven mij cirkelde zweefvliegtuigjes, gedreven op de thermiek scheerden ze langs de heuvels. De lucht trilt. Als ik ver weg kijk zie ik de heuvels langzaam overgaan naar hogere bergen, de Alpen. De zeldzame pracht overweldigde deze solitaire reiziger...




Verderop zeg ik een gebouw staan. Het leek op een schuilplaats voor vee van veraf. Maar een vlugge blik op de kaart gaf aan dat het gebouw wel de kapel moest zijn. Van dichtbij gaf een grote plakkaat op het gebouw aan dat het La Chapelle Saint-Joseph is. Vroeger was het een kapel getuigende de kerkklok die er nog hangt, in de oorlog was het een verzetshaard en sindsdien een vervallen krot. De deuren hangen uit de scharnieren, muurtjes zijn deels ingestort en het stinkt er vooral heel erg. Een korte beschrijving op de achterkant van de kaart leert mij dat de kapel nu dienst doet als overnachtingsplek voor herders en pelgrims.






Het uitzicht was zeker de moeite waard om zover te lopen. Genietend nog van de zon en het panorama drink ik snel een energiedrankje weg, snacken en vooral snel naar beneden. Normaalgesproken valt de terugweg altijd tegen, in je eentje wil je nog sneller naar beneden. Op naar het terras, naar een koud glas Côtes de Provence.



woensdag 24 augustus 2011

Trailrunning... Nieuwe hobby?

Mijn hardloopschema gaf aan dat ik moest trainen, maar ik was op vakantie, in de Provence aan de voet van de Alpen. Dat betekent dus weinig tot geen vlakke stukken. De wegen naar het dorp toe en langs de rivier waren saaie asfaltplakken dus niet heel interessant om je zweetdruppels op te morsen. Als je dan toch moet rennen op hellingen, dan graag op een iets meer uitdagende route, smalle paadjes langs steile hellingen dus.




Die dag ervoor had ik net met mijn ouders een route om de kloof gelopen. Een route van 6 kilometer met een totaal hoogteverschil van 350 meter volgens de routebeschrijving op de kaart. Dat zou een prima trailrunning debuut kunnen zijn. Omhoog was het afzien, hardlopen maakte plaats voor een minieme looppas. Eenmaal op het hoogste punt aangekomen nam ik even een kleine adempauze van een paar minuutjes. Daar kwam ik een eenzame Fransman tegen die in vloeiend Engels van alles vertelde over zijn leven en de omgeving. Belangrijkste strekking van zijn verhaal: hij was net een agressief zwijn tegen gekomen. En dat gebeurde net in de richting waar ik heen moest, en alternatief is de onaantrekkelijke afdaling retour. Toch maar rechtdoor en ik wist niet hoe snel ik mijn benen naar huis moest laten rennen. Resultaat was dat ik in nog geen 42 minuten nodig had om de kloof te ronden met de nodige hoogtemeters. Zowel Google maps als mijn hoogtemeter gaven aan dat het 250 meter hoogteverschil was. Een rondje van de 2e categorie dus.

De eerste onwenninge stappen waren motiverend en smaakten naar meer. Later die week zou ik mijn hardloopschema weer kunnen handhaven. Nieuwe hobby?

zondag 21 augustus 2011

Le tour de Tigne

Stil zitten in de vakantie niet geheel mijn stijl van vakantie vieren. Klimmen, wandelen, mountainbiken en allerlei andere sportieve bezigheden zijn heerlijk om te doen met een lekker zonnetje en in een schitterende omgeving. Graag wilde ik mijn ouders ook delen in dit gevoel door ze mee te nemen op een kleine introductie. Het toeval wilde dat de vrije diepe tuin bij het vakantiehuis grensde aan een 50 meter diepe ogenschijnlijk ontoegankelijke kloof. Om die kloof heen liep een wandelroute van ongeveer 6 km die vlak onder de top van de Tigne (793 meter hoog) door liep. De Tigne is een vrij prominente rotsige, steile heuvel die de kloof aan de noordkant begrenst.


Vanwege de gunstige ligging van de tuin konden we mooi middenin de route stappen. Door het bos en aan het rand van de kloof liep de route lichtelijk omhoog naar het einde van de kloof. Bovenop die pas had men mooie vergezichten naar beide kanten waaronder de Durance vallei waarin ons dorpje Volonne lag. Het pad bleef de kloof volgen alleen nu aan de andere kant, in de zuidwest flank van de Tigne. Hoogtepunt was een geprononceerde rotspunt met een nog veel weidser uitzicht dan daarvoor op de pas. Rechts liep een dubieus paadje naar de top van de Tigne. Gemarkeerd met een groot geel kruis op de rotsen was het duidelijk dat ik hiervoor nog eens later zonder ouders zou kunnen terug komen...

Het pad liep dwars door het verscholen schapenweiland van Les Coques

Het uitzicht op de pas naar het westen...

...en naar het oosten.

Op de flanken van de Tigne is er een constant weids panorama van de Durance vallei.

De afdaling liep via het dorp Volonne en door de oude straatjes over het plein weer richting ons huisje. Bijna 350 hoogtemeters en 2 en een half uur later, de bordjestijd, ploften we neer op het terras voor het huisje. Ouders trots op hun prestatie als ik naar de andere kant van de kloof wijs om aan te geven waar ze gelopen hebben.


De oude ruïne van Volonne torent hoog boven het dorp uit op de rotsgraat van de Tigne. Op de achtergrond zijn de curieuze rotsformatie van Les Mées zichtbaar, ook wel Les Pénitents, de boetelingen genoemd.

Volonne en de 'mini Erasmusbrug' over de Durance

In vervallen staat maar bij de tijd

zondag 14 augustus 2011

Zon gegarandeerd in de Provence

Het was weer even geleden dat ik een post had geplaatst. De combinatie van een vingerblessure en werkdruk motiveerde niet en er was ook simpelweg weinig te publiceren. Alle reden om er een week tussenuit te knijpen; even niet denken aan werk en blessure, even de zinnen verzetten, even een overdosis zon opvangen in Zuid-Frankrijk.

Bestemming was het pittoreske dorpje Volonne nabij het bekendere Sisteron in de Alpes des Haute Provence. Mijn ouders waren daar op vakantie en waren bereidwillig zich voor een paar dagen gastvrij op te stellen. Ingrediënten waren veel zon, wijn, croissants en kaas. Het gebied wordt vooral getypeerd door veel rotsen, onherbergzame heuvels met hier en daar een dorpje. Geklemd tussen de massieven van de Ecrins in het noorden en de Mercantour tegen de Italiaanse grens wordt het gebied doorkruist met de bekende rivieren de Durance en de Verdon. Niet denken aan rotsklimmen is wel lastig met al die prachtige gebieden in de buurt zoals Orpierre en Céüse. Ons huisje lag verscholen tegen de heuvel van een stil dal. Daar leende de omgeving zich uitstekend voor culturele uitstapjes, zwerftochten in de heuvels en mijn nieuw ontdekte hobby; trail running. Meer posts hierover zullen spoedig volgen. 


Om even de sfeer goed te kunnen inbeelden zou je even de ogen gesloten moeten houden. Bedenk dat je heerlijk onderuit gezakt zit in een luie stoel, overschaduwd door een olijvenboom. In je linkerhand een koud glas rosé en in je rechterhand verveeld een grassprietje. Je luistert en hoort de krekels die de stilte doen verstommen met hun muziek, de warme lucht trilt zichtbaar en... de ontspanning doet haar intrede...

Volonne is geposteerd tegen een heuvel, met daarboven prijkend een oude ruïne.


De typerende, oude ruïne op de achtergrond en de nieuw kerk op de voorgrond.

Pittoreske straatjes complementeren het schilderachtige dorpje. Als de zon bijna onder is komen de mensen uit hun huizen. De ouderen zitten op hun drempel en mijmeren over vroeger, kinderen spelen en rennen over straat, katten jagen en de vrouwen flaneren door de straatjes...

In Frankrijk is bijna elke dag in de zomer een feestdag. In de Provence wordt vaak de lavendel misbruikt als aanleiding om de vlag uit te hangen.

Verplichte culturele kost; de kathedraal van Digne-les-Bains, de hoofdstad van het departement.




Daar ligt dus Volonne

dinsdag 19 juli 2011

Favorieten winnen WK boulderen in Arco

Na een intensief reeks aan boulderwedstrijden werd het seizoen bekroond met de wereldkampioenschappen in Arco, de bakermat van het moderne sportklimmen.

Bij de dames won de Oostenrijkse Anna Stöhr voor de talentvolle en tevens ravissante Sasha Digiulian. Dat de Oostenrijkse won mag geen verrassing heten omdat ze ook het wereldbekerklassement leidt. Zij werd eenmaal eerder kampioen, in 2007. Helaas kon geen enkele Nederlandse zich profileren en de kwalificatieronde overleven.

Wereldkampioene boulderen 2011: de Oostenrijkse Anna Stöhr

Alex Puccio, uit de VS

de nummer twee van 2011 was de slechts 19 jaar oude Sasha Digiulian uit de VS

Sasha Digiulian

Bij de mannen haalde de leider in het wereldbekerklassement verrassend niet het ereschavot. Kilian Fischuber moest de wereldtitel laten aan de Rus Dimitry Sharaftudinov die ook al in 2007 eerder wereldkampioen werd. Rotsheld en icoon Adam Ondra werd tweede. Toch opmerkelijk omdat het wereldtalent maar een uurtje heeft geboulderd heeft afgelopen twee maanden. Ook hier maakten de Nederlanders geen indruk terwijl Nicky de Leeuw gedurende het seizoen wel geregeld de halve finale haalde. Helaas heeft de beste Nederlander, Jorg Verhoeven, zich op het allerlaatste moment afgemeld en kon geen gooi doen naar de titel.

Kilian Fischhuber, leider in het wereldbekerklassement kan geen potten breken tijdens het WK

Rostheld Adam Ondra en omni-talent wordt tweede

Dimitry Sharaftudinov wordt wederom wereldkampioen boulderen

Neerlands hoop was gevestigd op onder andere Casper ten Sijthoff. Helaas overleefde hij niet de kwalificaties.

In de komende week zal er ook op de wand uitgevochten worden wie zich de beste sportklimmer van dit jaar mag noemen. Het WK is te volgen hier en ook voor live uitzendingen.



zondag 10 juli 2011

Geblesseerd, gescheurd ringbandje middelvinger

Sinds vorige week ben ik helaas geblesseerd geraakt aan mijn middelvinger. Diagnose is graad II ruptuur van de A2 pulley in de middelvinger van mijn linkerhand. Het klinkt ingewikkeld maar het is de meest voorkomende blessure bij rots- en sportklimmers. Heel vaak zie je vingers met stukjes tape om de vingers en allemaal met beginnende scheurtjes in de ringbandjes (pulley). Vaak zijn dit blessures die geleidelijk ontstaan als gevolg van langdurige belasting op de vingers.


Makkelijk gezegd loopt er vanuit de onderarm een spier en pees tot aan de vingertop. Die pees heeft de neiging om in een rechte lijn te lopen als in een gespannen boog. Maar de pees wordt in zijn schacht gehouden door de ringbandjes, pulleys. Als deze bandjes overbelast raken dan scheuren ze langzaam in.

Samen met mijn broertje, fysiotherapeut, hebben de volgende aanpak bedacht vanuit de literatuur:


Week 1-2: Helemaal niet klimmen, zoveel mogelijk buigen van de vinger voorkomen. Wel geregeld de vinger strekken om overbodig aanmaak van bindweefsel te voorkomen.
Week 3-6: Langzaamaan weer beginnen met klimmen. Eerst alleen met grote grepen opbouwend tot aan een makkelijk haalbaar niveau. Verder ook regelmatig gebruik maken van de stress- en powerball.
Week 6-12: Niveau verder uitbreiden maar niet op de grens klimmen met grote krachten en belasting. Dat betekent dus weinig boulderen de komende drie maanden.

Geblesseerd raken is altijd erg vervelend en frustrerend. Je kan eenvoudigweg niet de dingen doen die je het liefst doet, keihard klimmen. Het voelt alsof je langs de zijlijn blijft staan. In de tussentijd moet je constructief blijven denken. Wat kan ik wel? Herstellen, spieren trainen, cardio, verzuring etcetera...

Nieuw klimtalent; mijn nichtje

De zomervakanties zijn begonnen en mijn nichtjes mogen langer opblijven. Dat geeft dus een mooie gelegenheid om Janique te introduceren in het klimmen. Samen met mijn broertje en schoonzus hadden we afgesproken in Bussum. Rock Steady bleek een ware speeltuin te zijn met al die touwen waaraan je kan slingeren. Het blijft altijd afwachten hoe kinderen tegen de hoogte kunnen, maar Janique kende weinig vrees. Het helpt natuurlijk om niet naar beneden te kijken. Als een volleerd klimster zocht ze zorgvuldig de beste grepen uit, zette met precisie haar voeten en klom ze twee keer de volledige 20 meter richting het dak. De alarmbel bovenin werkte als een rode lap op een stier. Als het bovenin zwaar werd dan was de bel een sterke motivatie om door te gaan. Eenmaal verzuurd beneden: "Ik wil nog een keer!" En ze stopt haar handen in mijn pofzak en laad zich op voor een nieuwe poging...

Aan het einde van de avond dronken we nog een Leffe Blond en chocomel. En Janique? Die was in het boulderhok te vinden en kreeg op de koop toe een yoga-les door op haar hoofd te gaan staan.




zondag 3 juli 2011

Beez!

Het was al weer vorig weekend dat we in Beez, België, vroeg vertrokken uit Nederland probeerden we te ontsnappen aan de regenbuien. Helaas trokken die buien ook over de Ardennen tot diep in de middag. Eerst dus maar eens een kop koffie en een petit dejeuner genuttigd in Namur. Wellicht lag het aan de regen, maar de hoofdstad van Wallonië deed ons erg grauw en triest aan. Er zijn daar heel veel grijze mensen, krom geschouderd en zittend op de grond en hun hand ophoudende. Koffie op, markt bezocht en door naar Durnal voor een camping. Tussen de druppels konden we de tentstokken krommen en het zeil spannen.Gelegen op een heuvel stond ons tentje midden in een weiland met prachtig uitzicht over het heuvelachtige landschap van de Ardennen.


Uitzicht vanuit de tent in Durnal met mijn zwarte bolide op de voorgrond.


De rotsen zouden nog niet droog zijn dus verkenden we de klimhal van Namur. En toegegeven, dat is een erg leuke hal met supermooie routes. Alleen jammer dat een aantal grepen helemaal verkleurd waren door pof en schoenzolen. Hier konden we mooi onze energie kwijt en de sessie werd traditioneel afgesloten met een Leffe Blond. Inmiddels was het buiten al weer een poos droog. Omdat de camping 20 minuten rijden was zijn we meteen naar de rotsen vertrokken om daar te rusten. De pitjes en cartouches kwamen te voorschijn en Martin maakte een zeer smakelijke pasta maaltijd.


Eten op de parkeerplaats, typisch gedrag van klimmers 'on the road'.




's Avonds konden we net nog even een paar routes klimmen. Het type klimmen is totaal verschillend dan in Pont-à-Lesse. Hier in Beez zijn er veel meer gaten en ook overhangend. Er is genoeg voor je voeten alleen erg veel uithoudingsvermogen is vereist. Laat dat nou net niet mijn sterkste punt zijn, zeker niet na een sessie klimmen in de hal. Het blijft onwennig om vanuit de hal de rotsen in te duiken. Door de regen waren de rotsen erg zanderig geworden. 


Het massief van Beez en Marche-les-Dames met uitzicht op de Maas.


Ondergetekende geeft de duim voor de afdaling in l'Arête de la Boisson, 4. 

Martin in volle vlucht.


Zondag was het weer compleet omgeslagen en gaf het kwik tien graden meer aan dan de dag ervoor. Ons plan was om een mooie 6a te gaan klimmen. Alleen die begon pas 15 meter boven de grond dus hebben we zowaar een standplaats moeten maken. De passen waren allemaal best luchtig, maar de crux pas zat 3 meter boven een haak. De keuze was om een halve mono te benutten of die te omzeilen via een glibberig glad randje. Dit was voor ons beide te gortig en hebben de afdaling ingezet.


Het was genieten in de zon op de laatste dag. In augustus staat al weer het volgende weekend gepland. Boulderen of rotsklimmen?

Martin in Genesis, 6a.

Eerst even ontspannen voor de terugreis.